namake.

Les 52: Wat doe je vóór die handeling?

Vertel met de woordenboekvorm plus 前に wat je vóór een andere handeling doet, en begrijp waar その前に in een gesprek naar verwijst.

Wat doe je vóór die handeling?

In les 51 vertelde je wat na een handeling komt. Nu kijk je naar wat je vóór een handeling doet. Je hergebruikt de woordenboekvormen uit les 47 en de beleefde uitgangen ます en ました. Bij het bekende 寝ます krijg je één nieuw woordenboekpaar: 寝る(ねる, groep 2). Luister naar de eerste zin en wijs aan wat het eerst gebeurt.

De eerst genoemde handeling komt later

Stel dat je water drinkt en daarna gaat slapen. Je kunt beginnen met het slapengaan: 寝る前に、水を飲みます. 寝る betekent hier ‘gaan slapen’; 前に betekent ‘voordat’. Toch gebeurt het water drinken eerst. Wijs beide handelingen aan en zet ze in gedachten in de volgorde waarin je ze werkelijk uitvoert.

Het stuk vóór 前に noemt de handeling waarvóór je iets anders doet. Het deel daarna zegt wat je eerst doet. Lees dus niet automatisch van links naar rechts als een lijstje met stappen. In deze zin is slapen de latere handeling, hoewel het werkwoord 寝る helemaal vooraan staat.

We oefenen eerst plannen waarin dezelfde persoon beide handelingen uitvoert. Als duidelijk is dat het om jouw plan gaat, mag het onderwerp wegblijven. De zin vertelt hun onderlinge volgorde; hij noemt geen precieze wachttijd. Dat eenvoudige oefenkader is geen regel dat 前に altijd maar één handelende persoon kan hebben.

寝る前に、水を飲みます。

De woordenboekvorm blijft heel

Voor het bekende 寝ます uit les 33 gebruiken we nu de woordenboekvorm 寝る(ねる). Dit werkwoord hoort bij groep 2. In deze les staat 寝る rechtstreeks vóór 前に: 寝る前に. Je maakt daar geen て-vorm van en zet er geen ます of extra の tussen. Gebruik het gegeven paar; je hoeft de vorm niet achterwaarts te raden.

De korte patroonnaam Vる前に betekent ‘woordenboekvorm plus 前に’. Het is geen opdracht om aan ieder werkwoord る toe te voegen. 読む blijft 読む in 読む前に. Ook 食べる前に en 勉強する前に behouden hun volledige woordenboekvorm. De groepen blijven nuttige woordsteun, maar voor dit eerste deel hoef je niets nieuws te vervoegen.

Voorwerpen en andere zinsdelen blijven bij hun eigen handeling staan. In レポートを送る前に hoort レポートを bij versturen. Daarna kan een andere handeling met een eigen voorwerp volgen. Vorm dat laatste werkwoord zoals je al kent: 読む→読みます of 書く→書きます. Zo combineer je de woordenboekvorm met een vertrouwd beleefd slot.

日本語を勉強する前に、パンを食べます。

レポートを送る前に、本を読みます。

Ook vroeger blijft de eerste vorm gelijk

Je kunt dezelfde volgorde ook over gisteren vertellen: 昨日、寝る前に、水を飲みました. De laatste uitgang ました plaatst het water drinken in het verleden. Toch staat er nog steeds 寝る前に. Je kijkt vanuit dat eerdere moment naar wat aan het slapengaan voorafging; de woordenboekvorm is hier niet ineens een voorspelling over morgen.

Vergelijk eerst alleen het slot: 飲みます wordt 飲みました, terwijl 寝る前に onveranderd blijft. Zo zie je welke vorm het patroon nodig heeft en welk deel je verhaal in de tijd plaatst. Je kent de beleefde verleden tijd al; deze les vraagt geen algemene nieuwe verleden vorm van de woordenboekwerkwoorden.

Lees een verleden voorbeeld daarom in twee rondes. Bepaal eerst wat vóór wat gebeurde. Zoek daarna de laatste werkwoorduitgang en een tijdwoord zoals 昨日. Als je alleen naar het eerste werkwoord kijkt, kun je de zin ten onrechte als een toekomstplan begrijpen. De volgorde en het tijdstip zijn twee verschillende vragen.

寝る前に、水を飲みます。

昨日、寝る前に、水を飲みました。

Eén plan, twee manieren om het te zeggen

In ons plan drink je water en ga je daarna slapen. Met les 51 zeg je 水を飲んでから、寝ます. Met deze les zeg je 寝る前に、水を飲みます. De genoemde werkwoorden wisselen van plaats, maar beide zinnen geven in dit plan dezelfde volgorde: eerst drinken, daarna slapen. Controleer die betekenis voordat je vormen omzet.

Let daarna op de vorm die bij iedere verbinding hoort. Vóór から gebruik je hier de volledige て-/で-vorm: 飲んでから. Vóór 前に gebruik je de woordenboekvorm: 寝る前に. Je vervangt dus niet simpelweg から door 前に. Kies eerst of je vanaf de eerste handeling vertelt of noemt wat vóór de latere handeling gebeurt.

Maak het verschil hoorbaar met twee kleine gebaren: één voor drinken en één voor slapen. Gebruik bij beide voorbeeldzinnen dezelfde volgorde van gebaren. Zo oefen je betekenis in plaats van alleen een vaste rij woorden. Later kun je met andere bekende handelingen een nieuw plan maken.

Waar verwijst その前に naar?

Een leerling zegt: これから、図書館へ行きます. De ander stelt voor: その前に、一緒に昼ご飯を食べませんか. Met その前に bedoelt die ‘vóór dat bibliotheekbezoek’. Het eerdere plan hoeft niet helemaal herhaald te worden. Zoek bij het luisteren dus terug naar de handeling waarover de twee al spraken: hier is dat naar de bibliotheek gaan.

その前に bevat zelf geen werkwoord dat de latere handeling noemt. De context levert dat werkwoord. In dit gesprek komt de voorgestelde lunch vóór het bibliotheekbezoek. De bekende uitnodiging ませんか vraagt of de ander mee wil doen; dat is geen nieuwe ontkenningsvorm. Begrijp eerst het voorstel en daarna hoe het in hun plan past.

Voor is niet altijd een tijdsaanduiding. 駅の前に noemt bijvoorbeeld een plek vóór het station. In onze voorbeelden wijzen een werkwoord vóór 前に of een besproken plan bij その前に op tijdsvolgorde. Bepaal wat de spreker bedoelt, zonder ieder 前 als plaats te vertalen. Uitgebreide plaats- en tijdmetingen horen niet bij deze oefening.

これから、図書館へ行きます。

その前に、一緒に昼ご飯を食べませんか。

Alle lessen