Hulpmiddel en taal markeren met で
Open hoofdstuk 1 en gebruik de woordsteun die daar meteen onder staat. Lees daarna het hulpmiddelvoorbeeld hardop en wijs het hulpmiddel, het voorwerp en de handeling aan.
1. Hulpmiddel + で, voorwerp + を
In はさみで紙を切ります is de schaar het middel en krijgt die で. Papier is wat wordt geknipt en krijgt を. Beide rollen blijven apart.
Koppel een hulpmiddel aan een logische handeling: met 箸 eet je, met een computer schrijf je een opstel en met een telefoon maak je een foto.
はさみで紙を切ります。
2. Taal + で geeft de taal van het antwoord
日本語で kan aangeven in welke taal iets wordt gezegd of benoemd. これは日本語で何ですか vraagt hoe dit in het Japans heet; het antwoord geeft het Japanse woord.
In deze vraag lees je 何 als なん vóór です. 日本語 krijgt で, niet に, omdat de taal hier als middel of taalkeuze functioneert.
これは日本語で何ですか。
ホッチキスです。
3. Vier functies van dezelfde vorm
Je kent nu plaats, vervoer, hulpmiddel en taal met で. Kijk naar het naamwoord vóór で en het werkwoord erna: 学校で勉強します noemt een plaats; 電車で行きます vervoer; はさみで切ります een hulpmiddel; 日本語で話します een taal.
何で betekent in een zichtbare hulpmiddelencontext ‘waarmee?’. Elders kan なんで ook ‘waarom?’ betekenen; houd de handeling daarom concreet.
4. Nieuwe middelen kiezen
Maak één nieuwe zin met een hulpmiddel en één vraag naar de Japanse naam van een voorwerp. Controleer dat het hulpmiddel of de taal で krijgt en het bewerkte ding を.
Gebruik alleen logische, concrete combinaties. ホッチキス is de nietmachine, niet het nietje.