Zeggen wat je wilt met 欲しい en たい
Open hoofdstuk 1 en gebruik eerst de woordsteun die daar meteen onder staat. Lees daarna het voorbeeld met 欲しいです hardop en wijs het gewenste ding aan.
1. Een ding: naamwoord + が欲しいです
欲しい drukt uit dat de spreker iets wil hebben. Het gewenste ding krijgt が: 新しい時計が欲しいです. 欲しい is hier een い-bijvoeglijk woord, geen werkwoord; voeg dus niet を of ます aan 欲しい toe.
Vraag naar het gewenste ding met 何が欲しいですか. Het antwoord kan het vraagwoord vervangen en dezelfde bouw bewaren.
何が欲しいですか。
新しい時計が欲しいです。
2. Een handeling: ます-stam + たいです
Voor iets wat je wilt doen, neem je de beleefde werkwoordsvorm, verwijder je ます en voeg je たいです toe. 飲みます wordt 飲みたいです; 行きます wordt 行きたいです.
Bij een します-werkwoord blijft de stam op し: 旅行します → 旅行したいです. Bewaar andere zinsdelen: 北海道へ行きます wordt 北海道へ行きたいです.
3. Gewenst ding of gewenste handeling
Bepaal eerst wat na ‘willen’ komt. Een ding zoals een camera past in カメラが欲しいです. Een handeling zoals naar Japan gaan past in 日本へ行きたいです.
Bij het lijdend voorwerp van een たい-werkwoord zijn zowel を als が mogelijk: 水を飲みたいです en 水が飲みたいです zijn allebei natuurlijk. In de begrensde schrijfoefening hieronder worden beide vormen goed gerekend. Andere deeltjes blijven hun eigen rol houden: een bestemming in 図書館へ行きたいです krijgt へ. Vraag bij een ding 何が欲しいですか, bij een activiteit 何をしたいですか en bij een bestemming どこへ行きたいですか.
カメラが欲しいです。
日本語を勉強したいです。
4. Een eigen wens bouwen
Kies eerst één concreet ding en één uitvoerbare handeling. Maak voor het ding de bouw Xが欲しいです. Zoek voor de handeling de bekende ます-vorm, streep alleen ます weg en voeg たいです toe.
Spreek in deze vrije opdracht over je eigen of een fictieve wens. Vermijd stellige uitspraken over wat een ander wil als die persoon dat niet zelf heeft gezegd.