namake.

Les 28: Ergens heen of nergens heen

Onderscheid どこへ van どこか, gebruik どこも met ontkenning en kies de passende beleefde tijdsuitgang.

Ergens heen of nergens heen

Zeg どこか行きますか en どこも行きません. Omcirkel か en も en luister daarna naar de werkwoorduitgang.

1. Korte herhaling van vier beleefde uitgangen

Kies eerst tijd en daarna bevestiging of ontkenning: 行きます, 行きません, 行きました, 行きませんでした. De kleine bewegingen zijn ます→ません, ます→ました en ます→ませんでした.

Dit is gerichte herhaling, geen algemene vervoegingsles. Open de Werkwoordenbrug voor de volledige uitleg en gemengde oefening.

2. どこへ vraagt waar; どこか vraagt of

週末、どこへ行きますか vraagt om een concrete bestemming. 週末、どこか行きますか vraagt of iemand ergens heen gaat; ja of nee is de eerste beslissing.

どこか is in dit patroon één betekeniseenheid. De schoolvorm heeft geen zichtbaar へ erachter. Maak hiervan geen regel voor alle vraagwoorden of partikels.

3. どこも heeft ontkenning nodig

どこも sluit samen met een negatieve werkwoordsvorm alle bestemmingen uit. どこも行きません betekent ‘ik ga nergens heen’. も alleen is niet negatief; ません levert de ontkenning.

In het verleden wordt dat 先週、どこも行きませんでした. De natuurlijke varianten どこかへ en どこへも bestaan, maar zijn alleen vooruitblik; de actieve schoolvormen blijven zonder zichtbaar へ.

いいえ、どこも行きません。

先週、どこも行きませんでした。

4. Laat vraagsoort en tijd het antwoord sturen

Op どこか行きますか kan een positief antwoord een bestemming noemen: はい、スーパーへ行きます. Een negatief antwoord is いいえ、どこも行きません.

Bij 行きましたか moet ook het antwoord verleden zijn: はい、行きました of いいえ、どこも行きませんでした. Controleer tijd vóór je か of も kiest. Er is geen te-vorm nodig.

はい、スーパーへ行きます。

いいえ、どこも行きませんでした。

Alle lessen